De Cammino Minerario di Santa Barbara: wandelen door het mijnverleden van Sardinië

Het voormalige mijncomplex aan de Costa delle Miniere, gezien vanaf zee — een van de meest herkenbare beelden van de Cammino Minerario di Santa Barbara.

Wie de Costa delle Miniere heeft gezien, bij Porto Flavia en Buggerru, heeft eigenlijk al een glimp gehad van iets veel groters. Dat hele kustgebied maakt namelijk deel uit van een wandelroute van honderden kilometers: de Cammino Minerario di Santa Barbara. Een tocht langs precies de plekken waar mijnwerkers eeuwenlang hun brood verdienden, met de zee als constante metgezel.

Wat is de Cammino Minerario di Santa Barbara?

De route wisselt voortdurend van karakter: dramatische kliffen boven een turquoise zee, zoals hier ergens langs het zuidwestelijke kustgedeelte.

Het is een lusvormige wandelroute in het zuidwesten van Sardinië, met Iglesias als vaste start- en eindpunt. Vernoemd naar de heilige Barbara, de beschermheilige van de mijnwerkers, die zij aanriepen voordat ze de duisternis van de mijnen in gingen. De route is opgedeeld in etappes en volgt oude mijnpaden, muilezelpaden en verbindingswegen tussen voormalige mijnbouwsites.

Onderweg kom je door verlaten mijndorpen, langs kliffen boven een turquoise zee en door bossen in het binnenland. De route wisselt kust en gebergte voortdurend af — geen kilometers achter elkaar hetzelfde landschap, maar een tocht die steeds van karakter verandert.

Praktisch: lengte, etappes en bewegwijzering

Een van de vele paden die de Cammino Minerario met elkaar verbindt, tussen de mediterrane begroeiing van het binnenland.

De route staat bekend als een tocht van zo'n 500 kilometer, verdeeld in ongeveer 30 etappes (afhankelijk van de bron en variant die je volgt). De bewegwijzering bestaat uit gele torentjes op een blauwe achtergrond, al is die niet overal even compleet — een goede kaart of GPS-track is dus geen overbodige luxe.

Je hoeft de hele route niet in één keer te lopen. Veel wandelaars kiezen ervoor om enkele etappes per jaar te doen, of om zich te beperken tot het zuidwestelijke deel rond Iglesias, Buggerru en Masua — precies het gebied waar ook Porto Flavia ligt.

Wanneer ga je?

Voorjaar en najaar zijn de aangewezen seizoenen. De zomer is op dit deel van het eiland te warm en te droog voor lange wandeldagen zonder schaduw, zeker op de stukken die dicht langs de kust lopen.

Overnachten onderweg

Een bijzonder onderdeel van de tocht zijn de posada's: eenvoudige overnachtingsplekken langs de route, oorspronkelijk opgezet voor pelgrims en wandelaars. Ze bieden een bed, een keuken en een douche — geen luxe, maar precies genoeg om de volgende etappe weer fris te beginnen. In sommige dorpen zijn ook reguliere hotels en pensions te vinden.

Ook op de fiets te doen

Wie liever fietst dan wandelt: er bestaat een officiële fietsversie van de Cammino, zo'n 550 kilometer verdeeld over 9 etappes. Het parcours is niet extreem technisch, maar bevat genoeg onverhard terrein om een gravel- of mountainbike aan te raden boven een gewone fiets. Het gemiddelde hoogteverschil ligt rond de 6%, met pieken tot 15% — reken op zo'n 7 tot 10 dagen voor de hele route.

Voor fietsverhuur is La Pedivella in Cagliari een handig startpunt, zeker omdat je daar toch al aankomt met het vliegtuig of de boot. Ze verhuren gravel- en trekkingfietsen inclusief bagagedragers en fietstassen, bieden technische assistentie voor wie een eigen fiets meeneemt, en bezorgen/halen de fietsen zelfs op bij het start- en eindpunt van de Cammino.

Insider tip: koppel een dagwandeling op de Cammino aan een bezoek aan Porto Flavia zelf. Het stuk tussen Nebida en Masua ligt vlak bij de mijningang en geeft je in een paar uur tijd al een goed beeld van waar de hele route om draait — zonder dat je meteen aan een meerdaagse trektocht hoeft te beginnen.


Wil je weten welk stuk van deze indrukwekkende route het beste bij jouw reis naar Sardinië past — of hoe je 'm het handigst combineert met andere plekken in het zuiden? Bij Sardegna Autentica denk ik graag met je mee en stel ik een route op maat samen.

Vorige
Vorige

Costa Rei: de koninklijke kust in het zuidoosten van Sardinië

Volgende
Volgende

Cinque Vele 2026: Sardinië's mooiste stranden volgens Legambiente