8 dagen door het Sardinië dat de meeste toeristen nooit zien
Geen strand op deze route. Geen ligbedjes, geen parasols, geen Costa Smeralda. Dit reisschema is voor wie houdt van bergen, van dorpjes waar de tijd langzamer lijkt te gaan en van tradities die nog springlevend zijn.
Het is het Sardinië dat verscholen ligt achter de kust waar iedereen naartoe gaat.
Waarom het binnenland, en waarom in het naseizoen
Het drukke Sardinië zit vooral op dezelfde stranden, in dezelfde twee maanden. Wie in oktober het binnenland in trekt, ziet een heel ander eiland.
De zomerhitte is voorbij, de bergpaden zijn weer goed te lopen en het landschap kleurt na de eerste regen weer groen. In veel dorpen vallen juist nu de oogst- en herfstfeesten.
De route is een rondje vanaf luchthaven Cagliari. Een huurauto is onmisbaar: het openbaar vervoer in het binnenland is beperkt.
Dag 1 — Nebida en Masua: mijnen aan zee
Een dagwandeling over een stuk van de Cammino Minerario di Santa Barbara, de pelgrimsroute langs het oude mijngebied. Verlaten mijngebouwen staan hier boven kliffen die steil in zee vallen. Vanaf de kust zie je de Pan di Zucchero liggen, een enorme rots vlak voor de kust.
Het is de enige dag waarop je de zee ziet, en dan meteen op zijn ruigst.
Rijtijd: ca. 1 uur vanaf Cagliari Overnachten: Iglesias of Nebida
Dag 2 — Barumini en Su Nuraxi
Su Nuraxi staat op de UNESCO-werelderfgoedlijst en is het meest complete nuraghecomplex van Sardinië. Het is een stenen fort met een dorp eromheen, gebouwd vanaf ongeveer 1500 voor Christus.
In de zomer rijden hier hele bussen vanuit Cagliari naartoe. In oktober loop je er veel rustiger rond.
Rijtijd: ca. 1,5 uur vanaf Nebida Overnachten: Barumini of omgeving Let op: je kunt het complex alleen met een rondleiding bezoeken.
Dag 3 — Giara di Gesturi: de wilde paardjes
Op dit basaltplateau leven de cavallini della Giara: kleine wilde paarden van een ras dat alleen hier in het wild leeft. Na de droge zomer staan de poelen op het plateau weer vol water. Daar komen de paardjes drinken.
Rijtijd: ca. 15 minuten vanaf Barumini Overnachten: nog een nacht in de omgeving van Barumini, of 's middags alvast door naar Barbagia Tip: ga vroeg in de ochtend of laat in de middag, dan zie je de meeste paarden.
Dag 4-5 — Barbagia en het Supramonte
Het bergachtige hart van het eiland. Orgosolo is beroemd om de murales, de politieke muurschilderingen op de gevels. Oliena is een goede uitvalsbasis voor wandelingen in het kalkstenen Supramonte-gebergte.
Wie in het weekend in Barbagia is, kan terecht bij Autunno in Barbagia. Van september tot december zet elk weekend een ander dorp de binnenplaatsen van de oude huizen open. Je proeft er lokaal brood, kaas en wijn en ziet ambachten die je verder nergens meer tegenkomt.
Rijtijd: ca. 2 uur vanaf de Giara Overnachten: Oliena of Orgosolo
Dag 6-7 — Ogliastra
Twee nachten in een agriturismo in de buurt van Baunei of Ussassai. Je eet er wat het land zelf oplevert, in dorpjes waar zelden een toerist komt.
Bij Ussassai liggen de Piscine Naturali: natuurlijke poelen in een rivierbedding midden in de bergen.
Rijtijd: ca. 1,5 à 2 uur vanaf Oliena Overnachten: agriturismo bij Baunei of Ussassai
Dag 8 — Terug naar Cagliari
Een laatste rit door de bergen terug naar Cagliari. Heb je nog tijd voor je vlucht, loop dan door de wijk Castello voor een laatste uitzicht over de stad.
Rijtijd: ca. 2 uur vanaf Ussassai
Insider tip: tank vol voordat je het binnenland in rijdt. Tankstations liggen in de bergen ver uit elkaar en zijn op zondagmiddag vaak alleen via een betaalautomaat te gebruiken. Download ook offline kaarten: in het Supramonte en de Ogliastra valt het bereik regelmatig weg.
Twijfel je hoe je zo'n binnenlandroute combineert met de rest van je reis door het zuiden? Bij Sardegna Autentica denk ik graag met je mee en stel ik een route op maat samen, inclusief advies over wat er in jouw periode open en te doen is.